Prinses Irene van Griekenland en Denemarken is overleden. De jongere zus van koningin Sofía van Spanje stierf op 83-jarige leeftijd in Madrid. Dat heeft het koninklijk huis laten weten aan Spaanse media.
De prinses overleed donderdagochtend in het Zarzuela-paleis in Madrid. Het koninklijk huis zal later meer bekendmaken over het afscheid dat zal plaatsvinden in Spanje. De prinses wordt uiteindelijk overgebracht naar Griekenland, waar ze op landgoed Tatoi nabij Athene wordt begraven.
Prinses van Denemarken
Irene was het jongste kind van de Griekse koning Paul en koningin Frederika. Ze droeg tevens de titel prinses van Denemarken omdat haar overgrootvader koning George van oorsprong een Deense prins was. De prinses werd geboren in 1942 in het Zuid-Afrikaanse Kaapstad, waar haar ouders destijds in ballingschap leefden. Op jonge leeftijd verhuisde ze naar Griekenland, toen haar vader na de Tweede Wereldoorlog de troon besteeg. Irenes broer Constantijn was later, tussen 1964 en 1973, de laatste koning van de Grieken.
Toen Constantijn werd afgezet, verhuisde Irene met haar moeder Frederika naar India. Na haar dood vestigde de prinses zich voornamelijk in Spanje, waar haar zus Sofía inmiddels koningin was geworden als echtgenote van koning Juan Carlos. Ze woonde in het Zarzuela-paleis in Madrid en onderhield nauwe banden met de familie van haar zus. In 2018 deed ze afstand van haar Griekse paspoort en kreeg ze de Spaanse nationaliteit.
Irene bleef tijdens haar leven ongehuwd en kreeg geen kinderen. De prinses was enige tijd actief als professioneel pianiste en verdiepte zich tijdens haar leven onder meer in archeologie en het hindoeïsme.